woensdag 15 juli 2026

Zwart

Enkele maanden terug scoorde ik de tickets. Zover ik weet is het altijd volle bak en dit jaar leek mij een uitgelezen kans om de sfeer te proeven.

Het begon erop te lijken dat ik dit jaar niet echt wég-weg zou gaan. Graag was ik onder de noemer van een vakantie met een organisatie ergens naartoe vertrokken, maar helaas. Waarom? Daarom. Dan maar de dagen vullen met dat wat ik graag doe, dus naar muziek of theater kijken. Echter, in de zomer ligt dat ook stil. Dan hebben we nog wel het festivalseizoen. Misschien waren er wel ergens optredens die ik doe graag wilde bekijken.

In die lijn viel mijn oog de Zwart Cross bij Lichtenvoorde. Al veel over gehoord, maar nooit geweest, dus waarom komende zomer niet? Enige twijfel was er wel, want kan ik hier wel uit de voeten? Op de beelden die werden opgeroepen als ik aan het festival denk, gebaseerd op verhalen en de uitnodigende site, zijn er zeker geen geplaveide wegen; wel gras, zand en misschien wel modder. Toch werd er gesproken over toegankelijkheid, dus waarom niet gewoon proberen? Met wat hulp van iemand die mij begeleid is alles mogelijk. Toch?

Er werd veel spektakel beloofd. De crosserij en stunts interesseren mij niet, theater en muziek des te meer. De dagkaarten voor zaterdag en zondag waren al uitverkocht, maar ook op het programma van de vrijdag werden er fijne optredens aangekondigd. De eerste namen maakten mij enthousiast. Alleen al de Dropkick Murphy’s, Money and the Man en het Deense Powersolo. Zo werd ik over de streep getrokken om twee tickets aan te schaffen. Met wie ik dan zou gaan, dat was van latere zorg.

Over het algemeen heb ik tot nu toe nauwelijks moeite hoeven doen om iemand te vinden die met mij meegaat tijdens met een cultureel uitje. Uiteraard voor de gezelligheid, maar ook voor de begeleiding, lees: bier halen en urinezak legen. Met een beetje fantasie kan ik altijd wel één of twee personen vinden. Mits ik de avond niet aanbiedt als bedankje of gewoon een cadeautje delen we de kosten of ik koop vooraf de kaartjes, de ander ter plekke het vocht. Dat terzijde!

Toch overkwam het mij de laatste jaren wel eens dat ik even niemand kon vinden die zich wilde opofferen. Dat hierbij mijn specifieke smaak van teringherrie een rol zal spelen, is slechts een vermoeden, maar niet onwaarschijnlijk. Er moest maar eens buiten mijn netwerk worden gezocht. Een poging daartoe via een daarvoor bestemde site van ZwolleDoet leverde niets op. Toen ik vorig jaar op Facebook een oproep plaatste reageerde een voormalig medewerkster van Fokus. Inmiddels zijn wij al enkele malen samen op pad geweest. Alle kosten zijn uiteraard voor mij, aan een soort van salaris doe ik niet. Weer terzijde!

Ook met de Zwarte Cross is zij mijn maatje. Ook al is er nog steeds enige twijfel bij mij betreffende energie en temperatuur, de zin is super! Totdat ik vorige week maandag zowaar weer eens werd opgenomen in het ziekenhuis, vanwege dikke koorts en een vermoeden tot blaasontsteking. Dus antibiotica, urine op kweek, wachten en herstellen.

Van mijn avontuur zie ik toch maar af. 

woensdag 1 juli 2026

Factor

Met een PGB-er was ik onlangs onderweg van het winkelcentrum naar huis. Aan mijn rolstoelhangen twee goedgevulde tassen met boodschappen, op mijn voetenplank staan tussen mijn benen twee sixpacks bier gestapeld. Maar dat terzijde.

Ergens halverwege het zo’n 10 minuten lopen haalt zij de constatering aan dat ik tijdens ons parcours door het winkelcentrum weer aardig wat bekenden was tegengekomen. Met sommigen werd het een kort gesprekje, met een ander bleef het bij elkaar groeten. Het is inderdaad vaak het geval dat ik kennissen tegenkom. Is dat toeval? Misschien. Is mijn wereldje nou eenmaal zo klein? Ook misschien. Of komt het omdat ik nogal opval, dus snel herkend word met dat ding onder mijn kont. Wederom misschien. Tijdens het rondje langs de schappen was ook een flinke hoeveelheid ijsjes ingeslagen. Dat maakte dat ik niet de ruimte voelde om uitgebreid te gaan praten.

Inmiddels weet ik, zo verklaar ik aan haar, met alle gemak gesprekken te sturen, in te korten of zelfs af te kappen voordat ze überhaupt begonnen zijn. Omdat ik te moe ben, bepaalde lichamelijke ongemakken ervaar of, toegegeven, ik er gewoon geen zin heb. Asociaal? Zeg het maar. Daarop duidt mijn PGB-er dit tot één woord: jij hebt gewoon een hoop rolstoelcredits. Ja, ook al wist ik dat wel, nu heb ik de wetenschappelijke term.

Vergezeld door hoe die term gaan mijn gedachten terug naar een uurtje eerder. In de supermarkt passeerde ik een winkelwagen met in het zitje een kind. Zoals wel vaker in situaties met een klein kind, waar dan ook, kan ik mij niet beheersen en steek mijn tong uit. Ook al is dit natuurlijk grappig bedoeld en hoop ik een lach bij het kind uit te lokken, dit kan al dan niet door mijn rotkop natuurlijk totaal averechts uitpakken. Bij het kind en anders wel bij de meestal aanwezige ouder. Immers, een vreemdeling die je kind aan het huilen maakt. Een kind zal dat onderscheid nog niet maken, maar ik weet zeker dat een ouder, als die überhaupt al geïrriteerd raakt, bij mij niet verontwaardigd zal reageren vanwege je weet wel. Akkoord, dit is misschien niet het duidelijkste voorbeeld van rolstoelcredits.

Onlangs was ik in Meppel waar bij een muziekcafé een klein festival was georganiseerd. Daar kreeg ik spontaan de nodige biertjes aangereikt door wildvreemden. Ongetwijfeld wegens die sneue rolstoel. En uiteraard totaal niet vervelend hoor. Onderweg naar de uitgang rij ik nog over iemands tenen. Geef niet! Gevalletje rolstoelcredits!

Het feit dat ik de moeite neem om naar een optreden of theater te gaan wordt als bewonderenswaardig gezien en zeker weten die rolstoelcredits aanwakkeren. Ook toen onlangs bij dat café. De eigenaar sprak deze waardering uit en bedankte mij vol lof dat ik de moeite nam om naar zijn café te komen. Dit raakte mij. Inderdaad, zo vanzelfsprekend is dat niet. Kost het moeite? Dat is maar hoe je het bekijkt. Het feit dat ik mij niet snel laat tegenhouden door obstakels maakt dat ik zeker trots ben op mezelf. Daarbij moet ik toegeven inmiddels wel steeds meer met mijn conditie rekening te willen en moeten houden.

Laat ik maar genieten van die rolstoelcredits. En stiekem profiteren.