woensdag 22 april 2026

Echie

Toen de A4’tjes uit te printer rolden werd het menens. Ik hoorde mijzelf slikken. Eigenlijk kon ik er nu dus echt niet meer omheen, ook al was ik dat zeker niet van plan. Toch?

Was ik onlangs zeker van mijn zaak, nu werd er toch weer enigszins getwijfeld. Enorm dramatisch mag en zal ik daar niet over doen, want ik ben er immers zelf over begonnen. Maar ik kan niet ontkennen dat het nogal wat met mij doet nu die papiertjes daar zichtbaar op mij wachten.

Terzijde, maar op dat moment komt weer die uitspraak naar boven, die ik ooit van mijn vader hoorde: ‘Geert, het hóeft niet’. Het was ergens rond mijn 15e. De stresskip in mij zag weer eens ergens tegenop. Dat zal geheid met school te maken hebben gehad. Misschien kwam er ook een verdomme uit zijn mond, maar hoe dan ook heb ik sindsdien die ene levensles altijd achter de hand: het hóeft niet. Of ik er dan wat mee doe is wat anders.

Er is nog niets officieel, maar dat is wel de bedoeling. Ook al kan ik die lege documenten dus ook nog gewoon laten verscheuren. Dat wat ik betreffende mijn wens omtrent niet reanimeren - wat heet wens - al meldde aan mijn huisarts en neuroloog, kan ik ook nog steeds intrekken. Nee, lulkoek natuurlijk! Het verhaal is trouwens ook al besproken met mijn dochters en met mijn ouders en zussen. Sterker, ik schreef er in een vorige blog ook al over. Hengst, wel ballen blijven tonen! Al ben ik dan nog wel zo stoer geweest om tot een voornemen te komen en om het rond te bazuinen, de uitvoering zelf is duidelijk een andere stap.

In praktische zin is het een eitje om te onderstrepen wat ik denk dat verstandig is. Het is op zich geen doolhof waarin ik mij inmiddels heb begeven. Als eerste moest ik denken aan een tatoeage op mijn borst. Duidelijker kan het niet, lijkt mij. Nee, dat doen we dus echt niet! Ook stuitte ik op een overkill aan armbanden en hangers voor kettingen, allemaal met ‘niet reanimeren’ daarop geschreven. Van zeer goedkope via Chinese websites, tot uitgebreidere versies waarop mijn naam en pasfoto zouden moeten komen te staan. Is dat laatste noodzakelijk? Dat lijkt mij wel als het erop aankomt. De reglementen, als die er al zijn, ken ik niet. Doen die er eigenlijk toe? Daar is wel wat voor te zeggen.

Ook kwam ik op de verschillende websites uiteraard veel informatie tegen. Steeds valt wel weer te lezen hoe belangrijk het is om naasten en huisarts te informeren. Het streelt dat ik die wijsheid ook zelf had. Mijn hart stopte er bijna vanzelf mee toen ik ergens las dat het met veel mensen die hun reanimatie overleven na verloop van tijd weer goed gaat. Dat is een ander geluid dan dat ik eerder hoorde. Er zijn allerlei organisaties, die allerlei verhalen en meningen delen. Wat is wijsheid in mijn geval.

Inmiddels vertrouw ik op mijzelf en luister ik maar naar dat wat ik hoorde van medici. De verklaringen die thuis liggen worden binnenkort ingevuld en door mij ondertekend. Een penning volgt ook nog.

woensdag 1 april 2026

Als

Of ik bang was voor de toekomst. Dat werd aan mij gevraagd. Bedoel je dan mijn eigen toekomst of die van de wereld in het algemeen? Nee, die van jou. Dat wat hieraan voorafging, een opeenstapeling wat tot bovenstaande leidde, verdient benoemd te worden.

Die middag werd ik na een siësta geholpen om mijn rolstoel weer te bemannen. Degene die mij assisteerde benoemde in een zin dat zij nog veel te doen had. Het feit wil dat ik in mijn hoofd vele herinneringen en teksten heb zitten van Nederlandstalige groepen uit de jaren ‘80, zoals De Dijk, Het Klein Orkest, Toontje lager of Doe Maar. Teksten die ik vrijwel vlekkeloos kan meebrullen, omdat ik de elpees destijds grijs draaide.

Dus toen de vrouw begon over zoveel te doen, klonk vanuit de jukebox in mijn hoofd via mijn mond als vanzelf het liedje Zoveel Te Doen van Toontje lager. Aangezien ik zo’n tekst niet meer uit mijn hoofd krijg, dreunde ik de woorden een kwartiertje later nog steeds op. Onderwijl zag ik mijzelf op mijn kamer zitten met de betreffende lp hoes in mijn handen.

Als zij mij met een lach vraagt of ik niet eens wat anders kan zingen, schakel ik zonder nadenken over op Ben Jij Ook Zo Bang, ook van Toontje Lager. Aangezien ik met de betreffende medewerkster wel vaker quasi persoonlijke gesprekjes heb, stelt zij op dat moment aan mij dus de vraag of ik bang was voor de toekomst.

Jeetje, wat een vraag! Het is geen rare vraag, maar dit gaat deels over een dilemma dat al een lange tijd in mijn hoofd speelt en waar ik steeds eerlijker een antwoord op weet te geven. Natuurlijk had ik mijn leven graag anders gezien, maar ‘als’ bestaat niet. Hoewel mijn fysieke situatie er niet beter op zal worden, het de afgelopen jaren een kwestie van inleveren was, lijkt er al een flinke tijd sprake van een soort van stabiliteit. Als het zo blijft dan teken ik daarvoor; dan houd ik het nog wel een tijdje vol.

Maar wanneer het niet zo blijft, wat dan? Uiteraard, de dood kan door allerlei redenen worden veroorzaakt. Ik weet niet hoe ik om zal gaan met eventueel ondraaglijk lijden? Euthanasie? Slik, misschien. Daarover heb ik nog geen idee. Wel over dat andere dilemma wat mij de afgelopen jaren geregeld is voorgelegd. Als ik tot nu toe weer eens in het ziekenhuis werd opgenomen werd mij steevast gevraagd wat te doen als het op reanimeren aankomt. Laat mij duidelijk zijn, antwoordde ik dan, ik wil niet dood! Al is het alleen maar voor mijn kinderen.

Aanvankelijk kreeg ik daar alleen maar een begrijpende reactie op. Tot een neuroloog mij zo’n twee jaar geleden min of meer wakker schudde en een eerlijk antwoord gaf. Wat was het heftig om opeens de andere kant van het verhaal te horen. Mij werd uitgelegd dat, gevangen in mijn lichaam met nauwelijks functies, het maar de vraag is wat er na een reanimatie van overblijft qua functies. Sindsdien kreeg ik uit meerdere hoeken een soortgelijke uitleg.

Concreet, ik heb besloten dat ik niet gereanimeerd wil worden. Nee, bang voor de toekomst ben ik niet